Monitoring en trends
Binnen het landelijk Meetprogramma Amfibieën, onderdeel van het Netwerk Ecologisch Monitoring (NEM), worden gegevens verzameld om te volgen hoe het gaat met de amfibieën in Nederland. Bij monitoring worden herhaald in de tijd gegevens verzameld volgens een vaste werkwijze. In vaste telgebieden worden meerdere keren per jaar de aantallen waargenomen amfibieën per soort geteld. Op basis hiervan kunnen van vijf soorten aantalstrends bepaald worden. Daarnaast worden gegevens verzameld middels projecten en losse waarnemingen (Telmee.nl of Waarneming.nl) wat bruikbaar is voor het verspreidingsonderzoek. Hiermee kunnen ook de trends in verspreiding worden vastgesteld. Wil je hier zelf een bijdrage aan leveren dan kun je voor meer informatie kijken op Meetprogramma Amfibieën, Amfibieën daglijstje of Verspreidingsonderzoek Amfibieën.
Voor de vuursalamander is een hele andere aanpak van monitoren nodig dan bij de andere inheemse amfibieën. Om deze soort op een gestandaardiseerde manier te kunnen volgen, moeten de dieren in hun voortplantingsseizoen op het land worden geteld langs een vastgesteld traject.
Het traject wordt minimaal vier keer per jaar bezocht, waarvan één maal in het voorjaar, één maal in de zomer en twee maal in het najaar. Van de vuursalamander wordt het aantal aangetroffen dieren genoteerd.
Klik hier voor een toelichting op de trends.
Monitoring kan door:
- volwassen dieren tellen langs een vastgesteld traject op het land (eind maart t/m begin april en augustus t/m september)
- larven zoeken in het voortplantingswater (mei t/m juli)